Binnenkort valt de aanslag van de BsGW weer ‘op de mat’

In februari ontvangt u het aanslagbiljet voor de gemeentelijke- en waterschapsbelastingen. Per post in uw brievenbus of digitaal in uw berichtenbox als u zich heeft aangemeld voor MijnOverheid. U ontvangt deze aanslag van de BsGW, in opdracht van de gemeente.

Deze aanslag bestaat uit drie onderdelen:

  1. De WOZ-beschikking: dit is de formele berichtgeving over de WOZ-waarde van uw woning, door de BsGW vastgesteld per 1 januari 2023.
  2. De belastingen van het Waterschap Limburg.
  3. De gemeentelijke belastingen.

De gemeentelijke belastingen

Het totaal te betalen aan ‘onroerende-zaakbelastingen’ (OZB), ‘rioolheffing’ en ‘afvalstoffenheffing’ wordt aangeduid als de ‘gemeentelijke lastendruk’. Bij de tariefbepaling streven wij ernaar om de stijging van de ‘lastendruk’ zoveel mogelijk te beperken.

In de begroting voor 2024 staat dat een stijging van de OZB-opbrengst met 4,2% werd nagestreefd. Omdat de prognose was dat de WOZ-waarden met 0,6% zouden stijgen, steeg het tarief voor de OZB voor de eigenaren van woningen van 0,1242% in 2020 tot 0,1287% in 2024: dit is een stijging van het tarief met 3,6%. Die samen met de stijging van de gemiddelde WOZ-waarde(n) leidt tot een stijging van in totaal 4,2%.

Bij de riool- en afvalstoffenheffing ligt dit anders. Hiervan mogen gemeenten niet meer dan de kosten die de gemeente hiervoor maakt, in de belastingtarieven doorbelasten. Omdat de verwerking van afval steeds duurder wordt, stijgt de afvalstoffenheffing de laatste jaren sterk. Zowel voor de rioolheffing als voor de afvalstoffenheffing geldt, dat onze gemeente niet alle (lees: niet 100%) kosten in het tarief doorberekent, maar 94,56% respectievelijk 96,35% in het tarief ‘door’berekent.

Hoewel de gemeente niet alle kosten ‘door’berekent, leiden hogere lasten voor de gemeente desondanks tot hogere tarieven: de rioolheffing stijgt van € 268,90 in 2023 (met 6%) tot € 285, - in 2024. En de afvalstoffenheffing stijgt van € 328,20* in 2023 (met 13%) tot € 371,15* in 2024. (* dit tarief bestaat uit een vast bedrag, vermeerderd met een verondersteld gemiddeld aantal ledigingen van elf tegen het zogenaamde ‘Diftar’tarief).

De ‘gemeentelijke lastendruk’ komt bij een woning met een voor onze gemeente geldende gemiddelde WOZ-waarde ad € 322.500 (per 1 januari 2023, was € 320.750 een jaar eerder) uit op € 1.071 ten opzichte van € 995 in 2023, oftewel een stijging van 7,1%.

Betalings- en bezwaarmogelijkheden

Voor de betaling van de aanslag geldt dat deze standaard - maar ook in alle gevallen waarbij de aanslag groter is dan € 20.000 - in twee termijnen betaalt moet zijn. De eerste termijn vervalt op de laatste dag van de maand, volgend op de maand die in de dagtekening van de aanslag is vermeld. En de tweede termijn een maand later. U kunt ook de BsGW machtigen voor het betalen van uw aanslag door middel van automatische incasso. Op die manier wordt de betaling gespreid over zoveel gelijke termijnen als er nog maanden in het kalenderjaar overblijven na dagtekening van de aanslag. Dit zijn er ten minste vier, en ten hoogste tien. Concreet betekent dit voor de aanslag in februari dat deze wordt geïncasseerd in tien termijnen. Voor het eerst in maart en voor het laatst in december.

Tot slot. Wanneer u het niet eens bent met de aanslag, kunt u bezwaar maken. Let wel, bezwaar tegen de hoogte van de tarieven is niet mogelijk, omdat deze door de gemeenteraad zijn vastgesteld. Het is wel mogelijk om bezwaar te maken tegen de WOZ-waarde, die als basis geldt voor de ‘onroerende-zaakbelastingen’ (OZB). Aangezien wij de uitvoering van de wet WOZ hebben opgedragen aan de BsGW, dient u ook daar uw eventueel bezwaar in. Dat kan telefonisch, maar beter is via uw persoonlijke pagina (via ‘Mijn BsGW’ op www.bsgw.nl/). Voor de afhandeling van uw bezwaar heeft de BsGW wettelijk het hele kalenderjaar de tijd.

Contact met de gemeente

U bent welkom in het gemeentehuis in Gulpen. Om direct geholpen te kunnen worden adviseren wij u om een afspraak te maken.

Afspraak maken